Een humanoïde robot is gebouwd om te werken in ruimtes waar ook mensen zijn. Dat is zijn grootste belofte en tegelijk zijn grootste uitdaging. Een industriële robotarm staat meestal achter een hek; een humanoïde moet juist door gangen lopen, deuren openen en voorwerpen aangeven. In dit artikel bekijken we welke risico's daarbij horen, welke normen er zijn en hoe veiligheid er in de praktijk uitziet.

Waarom humanoïden anders zijn

De meeste robotveiligheid is gebaseerd op een eenvoudig principe: bij gevaar stopt de machine. Een robotarm of een rijdende magazijnrobot blijft na een noodstop gewoon staan. Bij een humanoïde op twee benen werkt dat niet zo. Hij houdt zijn evenwicht alleen door voortdurend actief te corrigeren. Valt de stroom weg, dan valt de robot om.

i-SCOOP vat het samen: een gewone mobiele robot blijft staan als hij wordt uitgeschakeld, een humanoïde niet. Dat heeft gevolgen voor onderhoud en noodprocedures. Het klassieke 'stroom eraf en vergrendelen' kan bij een humanoïde zelf een gevaarlijke situatie opleveren.

Andere verschillen:

  • Massa en hoogte. Een volwassen humanoïde weegt al snel 30 tot 70 kilo of meer. Een val of botsing kan letsel veroorzaken.
  • Veel gewrichten. Met tientallen gewrichten zijn er meer plekken waar vingers of kleding bekneld kunnen raken.
  • AI-gestuurd gedrag. Robots die met AI-modellen werken, gedragen zich minder voorspelbaar dan een robot die een vast programma afwerkt.
  • Wisselende omgeving. In een huis of winkel zijn de omstandigheden steeds anders, met kinderen, huisdieren en losse voorwerpen.

De belangrijkste risico's

  1. Aanrijding en stoten: de robot raakt een persoon met een arm, hand of zijn lichaam.
  2. Beknelling: vingers of kleding komen klem tussen bewegende delen.
  3. Vallen: de robot verliest zijn balans en valt op of naast een persoon.
  4. Vallende voorwerpen: de robot laat iets vallen wat hij draagt.
  5. Batterij en elektrische veiligheid: oververhitting, brand of problemen bij het laden.
  6. Cybersecurity: iemand neemt op afstand de controle over of krijgt toegang tot camera's en microfoons.
  7. Privacy: de robot legt beelden en geluid vast van mensen die daar niet voor hebben gekozen.

Welke normen zijn er?

ISO 10218: industriële robots (2025)

De herziene ISO 10218 verscheen in 2025, voor het eerst sinds 2011 grondig vernieuwd. Deel 1 richt zich op fabrikanten, deel 2 op integratoren. De eisen voor samenwerkende robots, voorheen ISO/TS 15066, zijn erin opgenomen, aldus The Robot Report. Bekende beschermingsprincipes uit die normen zijn onder meer:

  • Snelheids- en afstandsbewaking: de robot vertraagt of stopt als een mens te dichtbij komt.
  • Kracht- en vermogensbegrenzing: de robot mag bij contact een bepaalde kracht niet overschrijden.
  • Bewaakte veiligheidsstop: de robot stopt veilig als een mens de werkruimte betreedt.

ISO 10218 gaat er echter van uit dat een robot niet omvalt. Stabiliteit komt er dus niet in voor.

ISO 25785-1: robots met actieve balans (in ontwikkeling)

Speciaal voor industriële mobiele robots die actief hun evenwicht moeten bewaren, zoals humanoïden, vierpotige robots en balancerende robots op wielen, wordt gewerkt aan ISO 25785-1. De norm is nog niet gepubliceerd. Volgens i-SCOOP gaat het concept onder meer over valzones, valdetectie, gecontroleerd neerzakken bij een noodstop of stroomuitval, en grenzen aan contactkrachten. Publicatie wordt verwacht eind 2026 of in 2027. Een tweede deel over de integratie van toepassingen volgt later.

ISO 13482: persoonlijke zorg- en servicerobots

Voor robots die mensen buiten de fabriek helpen, bestaat ISO 13482. Die norm is niet geschreven met tweebenige humanoïden in gedachten. Een Franse analyse merkte begin 2026 op dat nog geen enkele humanoïde voor consumenten volgens deze norm is gecertificeerd voor de EU-markt (Korben).

Wetgeving

Naast normen geldt Europese wetgeving. De Machineverordening, die vanaf 20 januari 2027 van toepassing is, vereist een beoordeling door een aangemelde instantie voor veiligheidsfuncties die met machine learning werken en zichzelf verder ontwikkelen. De AI Act stelt vanaf augustus 2028 eisen aan AI die als veiligheidscomponent in machines is ingebouwd. Meer daarover leest u in ons artikel over CE, AI Act en Machineverordening bij Insights.

Volgens investeerder Sam Baker in Euronews zijn veiligheidsnormen op dit moment het grootste knelpunt om robots naast werknemers in te zetten.

Wat doen fabrikanten zelf?

Fabrikanten nemen ontwerpmaatregelen om risico's te verkleinen. Een paar voorbeelden, zoals de fabrikanten ze zelf beschrijven:

  • 1X noemt voor de NEO een zacht lichaam van een polymeerstructuur, gewrichten zonder knelpunten en lichte aandrijvingen voor zachte bewegingen.
  • Figure AI gebruikt bij de Figure 03 schuim op knelpunten en een batterij met meerdere beveiligingslagen en UN38.3-certificering (een transporttest voor lithiumbatterijen).
  • Sommige fabrikanten laten de robot bij een stop eerst knielen, zodat de valhoogte kleiner wordt.

Dat zijn claims van de fabrikanten zelf. Onafhankelijke certificering volgens een specifieke humanoïde-norm is er nog niet.

Hoe ziet veiligheid er vandaag in de praktijk uit?

Vandaag: in de industrie werken humanoïden meestal in afgebakende of afgeschermde zones, met beperkte snelheid en duidelijke regels voor wie wanneer in de buurt mag komen. Thuisrobots zijn ontworpen om licht en zacht te zijn, maar worden in kleine aantallen en deels onder toezicht op afstand ingezet.

In ontwikkeling: normen voor dynamisch balancerende robots, betrouwbare valdetectie en gecontroleerd neerzakken, en methoden om AI-gedrag te testen en te valideren.

Straks: humanoïden die zonder afscherming naast mensen werken, met aantoonbaar beheerste risico's en onafhankelijke certificering.

Checklist voor wie een humanoïde wil inzetten

  1. Vraag de fabrikant welke normen zijn toegepast en welke veiligheidsfuncties gecertificeerd zijn.
  2. Laat zien wat de robot doet bij een noodstop en bij stroomuitval.
  3. Maak een risico-inventarisatie voor de concrete werkplek of woning, inclusief valzones.
  4. Beperk in het begin snelheid, kracht en werkgebied, en leg vast wie de robot mag bedienen.
  5. Regel cybersecurity: updates, toegangsbeheer en wat er gebeurt bij verlies van de verbinding.
  6. Leg vast welke camera- en geluidsopnames worden gemaakt en informeer de mensen in de omgeving.
  7. Train medewerkers of gebruikers, en evalueer incidenten en bijna-incidenten.

Tot slot

Veiligheid is bij humanoïde robots geen bijzaak, maar de voorwaarde voor bredere inzet. De technologie is verder dan de normen, en dat vraagt voorlopig om voorzichtigheid en goede afspraken. Op onze pagina Technologie leest u meer over de werking van humanoïden. Wilt u op de hoogte blijven? Meld u aan voor Early Access.

Bronnen

  • https://www.i-scoop.eu/iso-25785-1-explained-and-what-it-means-for-humanoid-robot-safety/
  • https://www.iso.org/standard/91469.html
  • https://www.therobotreport.com/iso-10218-industrial-robot-safety-standard-receives-major-overhaul/
  • https://korben.info/korben-aura-robot-humanoide.html
  • https://euronews.com/2026/03/05/is-europe-losing-the-robotics-race-to-china-and-does-it-matter
  • https://www.1x.tech/neo
  • https://www.figure.ai/news/introducing-figure-03
  • https://osha.europa.eu/en/legislation/directive/regulation-20231230eu-machinery
  • https://www.bakermckenzie.com/en/insight/publications/resources/product-risk-radar-articles/machinery-regulation
  • https://digital-strategy.ec.europa.eu/en/policies/regulatory-framework-ai

Dit artikel is gebaseerd op openbare bronnen en geeft de stand van zaken weer op de publicatiedatum. Het is geen advies voor een specifieke aankoop.